index
Delhi
Jhansi
Poona
Goa
Hampi
Gokarne
Jogg Falls
Bangalor
Vellore
Mahabalipuram
Madras
Terug in Delhi
Fietsnotities Polen

Reisnotities India
Delhi
Jhansi
Poona
Goa
Hampi
Gokarne
Jogg Falls
Bangalor
Vellore
Mahabalipuram
Madras
Terug in Delhi
index
Delhi
Jhansi
Poona
Goa
Hampi
Gokarne
Jogg Falls
Bangalor
Vellore
Mahabalipuram
Madras
Terug in Delhi
index
Delhi
Jhansi
Poona
Goa
Hampi
Gokarne
Jogg Falls
Bangalor
Vellore
Mahabalipuram
Madras
Terug in Delhi
index
|
| |
Jogg Falls
Dit artikel is in 1997 geschreven door JOB BUGEL
Een halfuur voor zonsopgang galmt een bescheiden piepje van mijn communicator door de lemen hut. Om zeven uur is er een bus naar de Jogg Falls, ik heb een half uur om in te pakken en drie kwartier om mijn reistas langs het strand te zeulen. Zo Spartaans kan ik op reisdagen wel zijn als ik eenmaal op gang ben gekomen, niet als ik nog lekker in mijn lakenzak op een lemen vloer lig, dan draai ik me liever nog eens om. Dat moet wel met beleid want alle plekken van mijn lichaam waar knoken onder het vel zitten, zijn blauw en gezwollen. Om negen uur meng ik poederkoffie in een fles drinkwater. Na een kwartiertje bedachtzaam koffieslurpen wandel ik met lenzenspullen en tandenborstel naar zee. Mijn zusjes komen om me heen staan. Heel stilletjes vandaag, omdat ze gehoord hebben dat ik ga vertrekken. Na een lange zwemtocht loop ik rechtstreeks de twee kilometer naar het dorp. Meer koffie en havermoutpap met honing en schijfjes banaan. Mijn geld ben ik vergeten, maar ik beloof later te betalen. Als ik terug naar huis loop ben ik eindelijk op snelheid, ik pak mijn spullen bij elkaar en roep Prabu, die op het land werkt. Ik geef hem 4x25+fooi=150 Rs. Hij is oprecht dankbaar, en twijfelt of de baksies betekent dat zijn werk in de steek moet laten om mijn reistas naar het dorp te dragen. Ik beloof hem terug te komen en zeul de tas het strand op. In de bus naar Kumpta, die een uurtje later vertrekt, ben ik weer zo blij als een kind op schoolreisje. Ik zit weer naast de chauffeur pal voor het raam, en zie waar ik te afgelopen dagen gefietst en gewandeld heb. Ik kan nog besluiten ergens in een leuk vissersdorpje uit te stappen, mijn ogen gaan langs een lang stuk kustlijn dat ik enkele dagen eerder vanaf een gevaarlijk rotspunt heb bekeken. Maar de kust raakt van lieverlee uit het zicht en we rijden over een eentonige weg langs de in aanbouw zijnde spoorlijn tussen Bombay en Mangalore. Ik verlang naar nieuwe ongeziene gebieden en snap weer niet hoe ik zolang aan deze kust heb willen blijven. In Kumpta wordt ik boos, als de mensen op het busstation mij uitlachen, omdat ik ze wat vraag. Ik ben ontsteld over de stank en de rotzooi.
Al met al kom ik toch via een systeem van glad lopende busaansluitingen tot vlak bij de Jogg Falls, alleen voor het traject van de laatste 18 kilometer moet ik een uur wachten. Als ik voor de derde keer weer ergens ga vragen of ik echt een uur zou moeten wachten wordt ik ook nu weer door een oude man naar 'Tempel' verwezen. Ik loop in de richting waarin hij wijst, en vind kleine particuliere busjes, ik vertel dat ik voorin wil zitten, en als het busje totaal is afgeladen begint het ronkend en door zijn veren zakkend te vertrekken. De zon staat lager, we gaan door bergdalen met veel schaduw. Langs de weg dichte begroeiing van gatenplanten, ficussen en andere kamerplanten. Als ik de hibiscus zie moet ik even aan moeder denken.
De Jogg Falls zijn net een plaatje, inderdaad moet het de hoogste waterval zijn, ik steek er een sigaret bij op maar dan wil ik toch liever door. Na twee bussen kom ik in Shimoga Railwaystation. Het is inmiddels middernacht. Ik loop een wachtende rij voorbij, ga door de deur van het loket. De man was al gewaarschuwd door de stationschef, hij laat de rij klanten in de steek
en brengt me naar een eerste klas compartiment van de trein die over een uur gaat vertrekken. Ik geef geen fooi, omdat hij het niet vraagt, later komen jongens heel beleefd vragen om een bijdrage voor hun voetbal vereniging. Ik noem een bedrag. Neen, aan zo'n bedrag denken ze niet, ze hebben toch een ander bedrag in hun hoofd, maar wat dat dan wel zou wezen. Dat laten ze liever aan mij over. Ik raak geïrriteerd en stuur ze weg. Binnen mijn zak lees ik Paul Theroux: De grote spoorweg carrousel.
Ik heb geen behoeft aandacht te besteden aan de man die later in het bed onder me komt slapen.
Bangalor
}}}}}}}}}}
|